Het levende midden
We werken, participeren en leven in een tijdperk van complexe maatschappelijke vraagstukken. We zijn gewend om doelen te stellen, plannen te maken en te bepalen waar we naartoe willen. Toch geloven we bij Grondlijn steeds weer in de waarde van wat daar tussenin gebeurt. In de ruimte waarin nog niet duidelijk is wat het antwoord is. Waar mensen elkaar vragen stellen, ervaringen delen, van perspectief wisselen en soms van gedachten veranderen. Misschien is dat wel wat we het levende midden van Grondlijn noemen.
Grondlijn bestaat uit mensen die ieder op hun eigen manier maatschappelijk actief zijn. De een werkt, de ander is vrijwilliger, bestuurder, politiek actief of op een andere manier betrokken. Onze rollen verschillen en veranderen in de tijd. Maar wie we zijn als mens nemen we overal mee.
Onze overtuigingen, ervaringen en nieuwsgierigheid. Ook ons ongemak, onze twijfels en de dingen waar we ons soms aan ergeren. Dat alles doet ertoe in hoe we ons werk doen en hoe we ons verhouden tot de wereld om ons heen. Daarom staat de ontwikkeling van ieder van ons centraal.
We zien die ontwikkeling als een voortdurende beweging. Door met elkaar te praten over wat we tegenkomen. Door elkaar vragen te stellen. Door een ervaring uit de praktijk naast een theorie te leggen en vervolgens weer terug te gaan naar de praktijk. We noemen dat “inzoomen en uitzoomen”. Dat heen en weer bewegen vinden we waardevol. Het voorkomt dat we alleen maar vanuit onze eigen ervaring kijken, maar ook dat we ons verschuilen achter theorie.
Denktank
Grondlijn is geen acquisitieclub. Dat klinkt misschien als een merkwaardige constatering voor een netwerk van zelfstandigen. Natuurlijk kennen we elkaar uit ons werk. Natuurlijk ontstaan er samenwerkingen. En natuurlijk delen we soms een vraag of een opdrachtgever. Maar dat is niet de reden waarom we bij elkaar zijn.
We zijn vooral elkaars denktank. Er is ruimte voor actuele dilemma’s die zich aandienen. Voor iets waar we in ons werk niet uitkomen. Voor een maatschappelijke ontwikkeling waar we ons toe willen verhouden. Voor een idee waarvan we nog niet weten of het ergens toe leidt. Juist doordat niet alles vooraf vastligt, kan er iets ontstaan.
Ecosystemen
We werken vaak “ecosystemisch”. Een wijk is een ecosysteem. Een zorglocatie en een organisatie zijn ook ecosystemen. We willen betekenisvol participeren in die ecosystemen. We kijken daarom naar de verschillende mensen, belangen, patronen en omstandigheden die samen een situatie vormen. En we vinden dat onze inbreng in zichzelf ecologisch verantwoord moet zijn.
Wat houdt ons in 2027 bezig?
We hebben voor 2027 al een aantal thema’s benoemd waar we mee aan de slag willen gaan.
Dilemma’s in de jeugdzorg
Vrijheid, bescherming en beperking: dat brengt ingewikkelde dilemma’s met zich mee. Wanneer bescherm je een kind, wanneer laat je het vrij, wanneer wordt bescherming beperking en hoe voorkom je dat vrijheid schaadt? Wie maakt de keuzes, doen we dat voldoende samen, is er voldoende gedeelde verantwoordelijkheid voor de gevolgen van de keuzes die we maken? En hoe gaan we om met verschillende meningen, opvattingen en waarden? We gaan dit onderzoeken. Ook omdat deze dilemma’s niet alleen in de jeugdzorg spelen, maar ook in andere zorgsectoren en in de maatschappij.
De complexiteit van een systeem als de jeugdzorg.
Daarmee verbonden is de vraag hoe we ons verhouden tot de complexiteit van de jeugdzorg. Een stelsel waarin professionals en organisaties dagelijks proberen het goede te doen, maar tegelijkertijd te maken hebben met regels, bureaucratie, financiering, tegenstrijdige belangen en vraagstukken met grote gevolgen voor kinderen en hun naasten. Hoe blijven we daarbinnen trouw aan wat voor ons belangrijk is? En waar ligt eigenlijk onze verantwoordelijkheid, als professional, als vrijwilliger, als mens?
Wat is onze eigen impact op en verantwoordelijkheid voor maatschappelijke problemen?
Dat brengt ons bij een vraag die breder is dan de jeugdzorg: wat is onze eigen impact?
Niet alleen die van de bestuurder of de professional. Ook die van onszelf als mens. Wat laten we gebeuren? Waar en hoe spreken we ons uit? Wanneer is ons voorbeeldgedrag betekenisvol? Hoe verspreidt gedrag zich zonder dat we daar een veranderplan voor maken? Kan je mensen “besmetten” met goed werk en het goede doen? Hoe maak je ruimte voor ander gedrag, een ander gesprek, waardoor mensen mee gaan doen?
De arbeidsmarkt als maatschappelijk vraagstuk
Ook de arbeidsmarkt als maatschappelijk vraagstuk houdt ons bezig. We hebben het vaak over personeelstekorten. Over vacatures die niet gevuld worden en over de vraag hoe we mensen kunnen aantrekken en behouden. Maar misschien is dat maar een deel van het verhaal. Hoe bouwen we aan samenwerken en zorg voor elkaar op plekken waar mensen wonen, leven, werken en zorgen? Hoe onderhouden we gemeenschappen? En wat betekent dat voor organisaties? Voor werkgeverschap? Voor de verhouding tussen formele en informele zorg? Het idee van de werkgemeenschap uit het Rijnlandse denken biedt daar interessante aanknopingspunten voor. Niet als antwoord, maar als een ander perspectief om naar onze huidige werkelijkheid te kijken.
Mensen die het verschil maken
Er is nog een vraag die steeds terugkomt. Welke mensen komen we tegen, in ons werk en als burger, die als mens het verschil maken? We kennen ze waarschijnlijk allemaal. Mensen die niet per se een positie hebben, maar bij wie er iets gebeurt. Omdat ze luisteren. Omdat ze ergens voor staan. Omdat ze een ongemakkelijke vraag durven stellen. Omdat ze inspirerend zijn, ruimte geven, steunen en laten zien dat het anders en beter kan. Wat maakt dat deze mensen het verschil maken?Is dat wijsheid, ervaring, moed? En hoe hebben deze mensen impact? Door wie ze zijn, of door wat ze doen?
Misschien begint impact wel heel dichtbij. Bij hoe we aanwezig zijn. Bij de keuzes die we maken als niemand meekijkt. Bij de vraag of we bereid zijn om iets van onszelf in het spel te brengen.
Het levende midden
We zijn met elkaar een rijk gezelschap. Juist omdat we verschillend zijn. Omdat ieder van ons iets anders meebrengt. Omdat er ruimte is voor eigenheid en omdat we elkaar niet hoeven te overtuigen van hetzelfde gelijk. Tegelijkertijd willen we ons blijven ontwikkelen. Er is daarom ruimte voor nieuwe mensen. Omdat een nieuw perspectief iets kan toevoegen aan wat er al is. Omdat we een groep zijn die waardevol is voor de leden, en dat willen we behouden voor de toekomst. Omdat Grondlijn ons een grondlijn biedt waarmee we betekenis willen en kunnen hebben in de maatschappij. En omdat we dat ook aan anderen gunnen.
In beweging
Misschien is het kenmerkend voor een levend midden dat het nooit af is. Het verandert doordat we in beweging blijven. Door wat er in de buitenwereld gebeurt. Door de vragen die we meenemen. Door wat we onderweg leren en soms weer loslaten. In 2027 willen we die ruimte behouden. Een fijne plek om te werken. Een plek om te denken en te doen. Om uit te zoomen en weer dichtbij te komen. Om theorie en praktijk bij elkaar te brengen. Om onszelf en elkaar scherp te houden. En vooral: een plek waar de vraag nog even mag blijven bestaan voordat we hem oplossen. Want misschien begint daar wel de beweging.